Hoe kun je sociale vaardigheden bij je kind vergroten?

Gepubliceerd op 17 januari 2020 om 14:40

Vindt jouw kind het spannend of moeilijk om contact te maken met een ander kind, laat staan met een volwassene?
Zie je je kind verlegen worden of doet hij de ander misschien wel pijn wanneer ze samen in contact zijn?
Of klapt je kind helemaal dicht en weet hij niet meer wat hij wilt zeggen omdat de ogen op hem gericht zijn?

 

In dit blog krijg je antwoord op bovenstaande vragen.

 

Waarom is het aanleren van sociale vaardigheden zo belangrijk?

Sociale vaardigheden zijn belangrijk voor je kind om aangenaam te kunnen samenleven binnen de maatschappij.
Overal waar je kind heen gaat, komt hij mensen tegen en gaan ze samen met elkaar om.
Dit begint vaak al op vroege leeftijd, denk maar eens aan het kinderdagverblijf, vervolgens gaat je kind naar school, misschien bezoekt je kind een sportclub en later uiteraard in zijn werksituatie.
Mensen zijn overal en juist daarom is het fijn als je kind positief en met respect met anderen leert omgaan.  

Wat verstaan we onder sociale vaardigheden?

Sociale vaardigheden zijn vaardigheden die je kind nodig heeft om op een positieve manier met andere kinderen en volwassenen om te gaan.
Een kind wordt echter niet geboren met een pakket aan sociale vaardigheden. Heel wat sociale vaardigheden dienen nog ontwikkeld te worden, zoals bijvoorbeeld het vermogen om je in te leven in een ander, de mogelijkheid tot samenspel, het vermogen om ruzies op te lossen, het uiten van gevoelens, etc.

Welke sociale vaardigheden ontwikkelt je kind op welke leeftijd?

Peuters (2 tot 3 jaar) kunnen zich nog niet in een ander verplaatsen en vinden het dus moeilijk om rekening te houden met een ander. Langzaam krijgt de peuter interesse in de ander maar samenspelen lukt op deze leeftijd nog niet. Ze spelen nog meer naast elkaar dan met elkaar en er zal ook weinig tot geen interactie met het andere kind plaatsvinden. Een peuter is dus sterk ik-gericht.


Peuters (vanaf 3 jaar) en kleuters (4 tot 5 jaar) beginnen te begrijpen dat andere kinderen ook wensen hebben. Ze worden zich meer bewust van de gevoelens van anderen en beginnen zich steeds meer in te leven in de ander. Een kind vanaf drie jaar kan al proberen te helpen en te troosten waar nodig. Echt inleven in de ander is wel nog moeilijk. Verder worden voor deze kinderen contacten met volwassenen en kinderen buiten het gezin belangrijker. Kinderen gaan steeds meer samenspelen, al is dat soms nog wel moeilijk. Sommige drie- en vierjarigen beginnen vriendjes te maken, maar het zijn vaak nog geen vaste vriendschappen. Peuters vanaf 3 jaar en kleuters kunnen al steeds beter rekening houden met anderen en zo nu en dan al eens samenwerken.


Kinderen in de basisschoolleeftijd (6 t/m 12 jaar) leren de volgende sociale vaardigheden:

  • Omgaan met emoties: emoties herkennen, relativeren, herpakken bij tegenslag.

  • Controleren van het eigen gedrag: zelfbeheersing, eerst nadenken dan doen.

  • Oog hebben voor andere kinderen: rekening houden met anderen, verbale ( het spreken) en non-verbale (de houding) signalen herkennen van andere kinderen.

  • Inleven in anderen: empathisch vermogen, oog hebben voor de behoeften van anderen.

 

  • Overleggen: samenwerken, luisteren, helpen, openstaan voor andere meningen.

 

  • Oplossen van problemen: conflicten oplossen en voorkomen dat een conflict escaleert.

 

  • Respecteren van regels: zich houden aan afspraken, beloften nakomen.

Hoe kun je het aanleren van sociale vaardigheden stimuleren?

Je kind ontwikkelt sociale vaardigheden vooral door samen te spelen. Jij, als ouder, hebt daar een grote voorbeeldrol in voor je kind.
Maar ook in de omgang met andere kinderen leert je kind meer rekening te houden met anderen, ruzies oplossen, vrienden maken en weerbaar te worden.
Je kind heeft dus mogelijkheden nodig om te kunnen oefenen met zijn sociale vaardigheden.

 

Hier volgen 9 tips:

 

  • Geef zelf het goede voorbeeld: doordat jij laat zien hoe je met jezelf en anderen omgaat, leert jouw kind hoe hij dit kan doen.

  • Vertel welk sociaal gedrag in welke situatie past: de ene situatie vraagt om ander sociaal gedrag dan de andere, bijv. uit eten in een restaurant of verjaardag van oma. Vertel dat je op een verjaardag eerst iemand feliciteert en leg uit waarom we dit doen.

  • Leg je kind dus het doel achter het sociale gedrag uit: we vinden het belangrijk dat we beleefd zijn tegen elkaar en bijv. ‘u’ zeggen tegen oudere mensen. Kinderen zijn meer gemotiveerd om dit te doen als ze het doel hiervan begrijpen. Bijv. gedag zeggen: ‘dan weet je allebei dat je klaar bent en weggaat’ of hand geven: ‘manier om elkaar te begroeten’.

  • Stimuleer contact met andere kinderen: bied je kind gelegenheid om met andere kinderen te spelen, bijv. in de speeltuin of het zwembad, met vriendjes van school bij jullie thuis, met kinderen uit de buurt, door te logeren met neefjes of nichtjes.

  • Help je kind te leren omgaan met zijn emoties: benoem de emoties die je ziet bij je kind (‘Ik zie dat je je nu heel boos voelt’) en vraag je kind naar hoe hij zich voelt (‘Hoe voel je je als ze jou niet vragen om mee te doen?’).

  • Geef je kind inzicht in de gevoelens van anderen: let samen met je kind op gezichten en houdingen van anderen, wat zie je en wat zeggen ze met die houding? Leuk om een keer te doen als je ergens moet wachten. 
    Benoem de gevoelens van anderen (‘Oma voelt zich nu niet zo blij, omdat ze ziek is’).

  • Leer je kind bewust te worden van zijn eigen grenzen en behoeften: vraag je kind naar zijn mening, wat vindt hij belangrijk, wat zou hij graag willen? En hoe kun je dat aan de ander laten weten? Oefen dit samen.

  • Leer je kind oorzaak-gevolg: bespreek bij vervelende situaties wat het effect is van je gedrag op de ander en andersom. Krijg je daarmee wat je wilt en helpt dit om het fijn met elkaar te hebben? Je kind leert zo zichzelf beter kennen en wordt zich meer bewust van de behoeften en gevoelens van anderen.

  • Vraag je kind steeds naar zijn oplossing: hoe zou hij die situatie hebben aangepakt als hij het nog een keer kon doen, hoe zou hij de ruzie oplossen?

 

Wat als je kind regelmatig verzeild raakt in ruzies en conflicten wanneer hij met andere kinderen samen speelt?

Luister altijd naar het verhaal van beide kinderen en kies daarbij geen partij.
Zorg dat beide kinderen ook naar elkaar luisteren.
Geef ook hier het goede voorbeeld en probeer zo min mogelijk advies te geven over de situatie. Je kind kan zich daardoor alleen maar onzekerder voelen.
Help beide kinderen om hun gevoelens duidelijk te krijgen en stel daarbij verhelderende vragen over wat er gebeurd is en wat beide kinderen juist eigenlijk willen.
Zo kunnen de kinderen zelf bedenken hoe zij het probleem het beste kunnen oplossen.

Mijn kind blijft zich zo angstig en onzeker gedragen ten opzichte van de ander. Wat kan ik hier als ouder aan doen?

Om goed met anderen om te kunnen gaan, dienen kinderen eerst voldoende zelfvertrouwen en een positief zelfbeeld op te bouwen. Hiermee hangt samen dat ze zichzelf serieus nemen, hun eigen gevoelens, gedachten en verlangens kennen, hiervoor durven uitkomen en ermee om kunnen gaan.
Als dit voldoende ontwikkeld is, kan je kind ook de ander serieus nemen, de gevoelens en gedachten van de ander horen en de ander de nodige ruimte geven hiervoor uit te komen.
Hoe je het zelfvertrouwen bij je kind kunt vergroten lees je hier.

 

Ik wens je heel veel succes met het toepassen van de tips.

 

Wanneer je kind na het toepassen van deze tips onvoldoende groei laat zien in zijn ontwikkeling van zijn sociale vaardigheden, neem dan gerust contact met mij op via vivian@jij-dus.nl . Dan denk ik in een gratis gesprek persoonlijk met je mee welke mogelijkheden er dan zijn om je kind de sociale vaardigheden eigen te maken. 


Vond je dit interessant? En wil je meer OpvoedTips & Inspiratie ontvangen om het opvoeden leuker én makkelijker te maken?
Laat dan hier je e-mailadres achter voor mijn OpvoedTips & Inspiratie.


«